Posts

ALLES KIDS

Je zou me hier eens moeten zien zitten. Onderuitgezakt op de bank. Helemaal uitgeteld. Ik heb net twee paracetamols ingenomen tegen het gebonk in mijn hoofd. Mijn oren piepen vast morgen nog van de kakofonie van geluiden. En ik wil een ding vooropstellen: ik hou van kinderen, maar dit was iets te… Ik moet toegeven het was ook niet echt een geweldig idee… om vandaag –midden in de kerstvakantie– naar een populaire indoorspeeltuin te gaan... NEEEE! Blij was ik toen we de laatste plek bemachtigden op het parkeerterrein, maar dat had natuurlijk al te denken moeten geven. Maar omdat ik hier nog nooit geweest was, gaf ik het een kans. Toen we buiten al moesten aansluiten in de file voor de kassa, had ik nog rechtsomkeert kunnen maken, maar ja, hoe leg je dat uit aan de vijf overenthousiaste kinderen die ik bij me had…? NIET! Want die zouden dan sowieso niets van mij heel hebben gelaten. Dus togen zij helemaal opgewonden naar binnen en ik… ik hield mijn hart vast… en terecht! O mijn hemel en ...

Twee mannen, één paar...

Afgelopen zaterdag gingen mijn man en ik op zoek naar een nieuw mooi schoenenpaar voor hem. Zoals altijd rond de Kersttijd kriebelt het bij hem, en nee, niet in zijn tenen, geloof ik, maar in zijn (lees: onze) portemonnee. Ieder jaar gaan we één winkel binnen, altijd dezelfde overigens, en ook altijd gaan we met een gloedje nieuw paar naar buiten. Maar niet die dag. Mijn man had schoenen uitgekozen die hem wel bevielen. Mooie donkerblauwe met een stompe neus en afgebiesd met een beige randje. Na vier rondjes door de hele zaak (zoonlief moet dat ook altijd van mij J ) vond hij ze nog steeds lekker zitten. Niet onbelangrijk voor een paar schoenen. Anyway. Ik zat op een bankje naast manlief –die zijn schoenen van de bovenkant aan een kritisch onderzoek onderwierp– en zag aan de overkant van het smalle gangpad, een heuse heer een ontzettend mooi paar passen. Half hoge, ook blauwe, met een heel speciaal, nee, echt super te gek grijzig stiksel. Ik dacht: wauw, wat kek, om dat woord maar e...

Gebochelde Notre Dame in Roermond

153. Verdomme… dat heb ik weer. Nog dertig mensen voor me. De file bij het priklab is bijna langer dan eentje op de A2. Ik verdring het beeld van mijn superlange to-do-lijst voor vandaag. ‘Eventjes’ naar de premenstr… uhmm... preklinische screening en je bent zomaar tweeëneenhalf uur verder. Gelukkig is er in de overvolle wachtkamer nog een heuse ‘relaxstoel’ vrij naast een letterlijk goedgemutst verschrompeld vrouwtje. Ik vraag me af waarom ze die muts niet afzet, is het vanwege haar coup ravage, veroorzaakt door de storm die over ons land raast? Heeft ze drie weken haar haren niet gewassen? Misschien is ze wel kaal… of heeft ze het gewoon koud… Wat me zou verbazen, want het is hier broeierig warm met zo’n vijftig mensen in de kleine wachtruimte. Een opeenhoping van bacillen bovendien. Als iemand niest en dat gebeurt meer dan gezond is, laat ik mijn normaal gesproken welgemeende ‘gezondheid’ maar achterwege. Ik zak een beetje onderuit op de donkerbruine hard plastic stoeltjes. H...

Medisch wonder

Ik had me er al een hele tijd bij neergelegd. SHIT was het, maar wat moest ik, ik kon het toch niet veranderen? In 2006 hebben ze namelijk geconstateerd dat alle kleppen in de gewone aderen van mijn benen niet goed meer sloten. Met als gevolg: spataderen. Ik kreeg op mijn 31ste te horen dat ik benen had van een vrouw van 80 en dat ik voortaan ALTIJD steunkousen moest gaan dragen. Kun je je voorstellen hoe dat voelde? Behoorlijk k**!!! De afgelopen 5,5 jaar zagen er qua benen en vermoeidheid ongeveer als volgt uit. Bij het opstaan was ik vaak al zo moe dat ik dacht dat ik niet geslapen had. Iedere dag droeg ik die zeer onelegante (nog licht uitgedrukt), jeuk veroorzakende en vaak ook nog afzakkende dwangbuizen. Ook als het 30 graden was (en dan anderen met korte broeken horen klagen… L ). Zelf een korte broek of open schoenen aantrekken was er niet bij. Als ik ergens naartoe ging, bedacht ik van tevoren of ik daar wel zou kunnen zitten. Bij twijfel, nam ik respectievelijk een barkruk...

Uitgebluste Passie en verwelkte Piemelbloemen…

‘Wat is het toch stil rondom jullie boek?’ ‘Wanneer komt het uit?’ ‘Het lijkt wel of de storm is gaan liggen aan het Passie en Piemelbloemenfront.’ ‘Gaat het allemaal wel goed?’ ‘Hoe is het toch met de piemelbloemen?’ ‘Ik wil jullie boek als kerstcadeau aan iemand geven, kan dat?’ Nee, dat kan niet! Maar we kunnen jullie verzekeren dat er achter de schermen volop gewerkt wordt aan Passie en Piemelbloemen om het klaar te stomen voor de boekwinkels. In mei 2012 is het door iedereen compleet te bewonderen. Maar alles op zijn tijd. De uitgeefster is nu bezig met de tweede correctieronde. Hierna krijgen Ilse en ik het manuscript terug en kunnen we weer aan de slag. Heerlijk om er dadelijk opnieuw helemaal ‘in’ te duiken! In de tussentijd (van december tot en met februari) gaat een studio aan de slag met het ontwerp van de kaft, het binnenwerk en speciale elementen… Ja, jullie lezen het goed: speciale elementen. Laat jullie verrassen. J     Ook gaan we om de tafel (begin ...

Vaders-de-man...

Het zal niemand ontgaan zijn, maar het is weer de tijd van de vallende bladeren. En ja, dan ontsieren ze weer het straatbeeld: de mannetjes met hun grote groene blazers die blaadjes naar de overkant (!) van de straat blazen. Wat is dat toch, mannen en bladblazers? Ik zie ook nooit vrouwen met bladblazers. Wat zou erachter zitten? Is het een soort machogedrag? Het kan bijna niet anders. Ik wilde er per se achterkomen dus knoopte ik vanmorgen een gesprek aan met zo’n   ontiegelijk-onnozel-bladblazend-mannetje, dat in de herfst minimaal zeven keer per week in de weer is met de blazer. Op de stoep voor zijn huis. Ik: ‘Zo, meneer, flink aan het werk?’ Hij: ‘Waaaaat? ‘ Ik dacht: hij heeft toch zeker ook een uitknop, die blazer. Ah, hij begreep het. De man liet het groene gevaarte tegen zijn been rusten. Niet dat hij hem gewoon neerlegde… Ik: ‘Ik zei dus: flink aan het werk?’ Hij: ‘Ja, ja, het is me ieder jaar weer hetzelfde liedje. De bladeren vallen harder dan ik blazen...

Stikjaloers

Gefascineerd ben ik. En al heel lang probeer ik de kunst af te kijken. Zijn kunst. Maar ik ben nu op een punt gekomen dat ik denk: ik kan het gewoon niet, dus laat maar zitten. Het blijft echter lastig voor me. Het knaagt. Dat-ie dat zomaar… zonder… Echt ongelofelijk! Ik ben niet een klein beetje jaloers, nee stikjaloers. Het acceptatieproces gaat heel langzaam, want ik word er iedere dag mee geconfronteerd. Op wie ik jaloers ben? Op mijn man. En nee, niet omdat hij staand kan plassen, alhoewel ik het soms wel fijn zou vinden… als hij eens ging zitten. J Ook niet dat hij alleen maar de baard- en snorzone van zijn gezicht moet scheren. Zelfs niet op het feit dat hij nooit last heeft van op hol slaande hersenen en dus gewoon in slaap valt, terwijl ik vaak een paar uur lig te piekeren over van alles en nog wat. O ja, wat ook nog zou kunnen. Dat hij zo gemakkelijk aan een nieuwe outfit komt. Hij loopt zijn favoriete winkel binnen, loopt naar de ‘blauwe hoek’ (raad eens wat...